Dutch Dickensian Special (2e deel)

Deze pagina is gereserveerd voor artikelen uit The Dutch-Dickensian, die volgens het oordeel van de redactie een bijzondere bijdrage leveren aan de kennis over persoon en werk van Charles Dickens.

De auteur van de volgende artikelen: mr. dr J.A. Ebbinge Wubben, is gepromoveerd op:
Literatuur en Recht; Charles Dickens en Gevangenschap wegens Schulden / Ac. Prfschr. Utrecht -6 nov. 2000 -ISBN 90-76912-02-5.

DE GEVANGENIS VOOR EN IN DICKENS' TIJD

Gepubliceerd in D-D. no 44 en 45


Deel 1
Onderwerpen

1. De Gevangenissen in het algemeen.
2. De Gevangenissen voor schuldenaren.
3. Aantal gevangenen wegens schulden.

Deel 2
Onderwerpen

4. De Gevangenisbewaarders
5. De Rules
6. Ontsnappingen
7. De 'fees'
Bronnen


DE GEVANGENISSEN VOOR EN IN DICKENS' TIJD, Deel 1

Dutch-Dickensian no. 44

1. De Gevangenissen in het algemeen
Tot in de 19e eeuw werden de gevangenissen voornamelijk beschouwd als plaatsen, waar men gedetineerden opsloot om hen beschikbaar te hebben voor gerechtelijk onderzoek en voor de 'appearance' bij de rechtspraak. Van oudsher diende de rechtspraak om te beslissen of de gevangenen ontslagen konden worden dan wel moesten worden gestraft. De straffen bestonden uit doodstraf, verbanning, publiek te schande zetten, lichamelijke tuchtiging, verbeurd verklaring van vermogen en slechts bij uitzondering uit vrijheidsberoving. De rechtspraak vulde de gevangenissen niet, maar maakte hen leeg. Dit gold in Dickens' tijd ook voor de Insolvent Debtors' Court.
De 'gevangenissen' waren dan ook geen gebouwen geschikt voor langdurige opsluiting. Torens, poortgebouwen, kelders en andere ondergrondse ruimten dienden als plaatsen om iemand op te bergen. Daar zaten misdadigers, schuldenaren, zwervers, zakkenrollers, mannen, vrouwen, kinderen, ouden van dagen, geesteszieken, schuldig of onschuldig door elkaar, vaak dicht opeen gepakt. In An Inquiry whether Crime and Misery are Produced or Prevented by our Present System van 1818, schrijft Thomas Fowell Buxton, Esq., M.P. over de Tothill Fields Prison:

Many of the wards in which the prisoners sleep, are sunk below the level of the ground, and this level is considered to be below high water mark. The upstairs rooms of the Governor's house are much affected with damp; hearing this from himself, I could not suspect the truth of the statements of the prisoners, who complained bitter of the cold and moisture of these cells. To obviate these inconveniences, as many as possible crowd together at night into the same cell; how injurious this must be to health, can be conceived by the statement of the jailer, who told me that having occasion lately to open one of the doors in the night, the effluvia was almost intolerable.


De behandeling van de gevangenen was hard. 'Gevangeniskoorts' was algemeen, en besmettelijk. Overheidsdienaren, rechters, juryleden en stadsbestuurders zijn eraan bezweken. Dit was niet het gevolg van slecht overheidsbeleid. Door algemene onverschilligheid met het lot van gevangenen, was er helemaal geen overheidsbeleid en kon er administratieve chaos heersen. Geven wij het woord aan A Tale of Two Cities (II.2):
But, the gaol was a vile place, in which most kinds of debauchery and vilainy were practised, and where dire diseases were bred, that came into court with the prisoners, and sometimes rushed straight from the dock at My Lord Chief Justice himself, and pulled him off the bench.It had more than once happened, that the Judge in the black cap pronounced his own doom as certainly as the prisoner's, and even died before him.The accused, who was (and who knew he was) being mentally hanged, beheaded, and quartered, by everybody there, neither flinched from the situation, nor assumed any theatrical air in it. He was quiet and attentive; watched the opening proceeding with a grave interest; and stood with his hand resting on the slab of wood before him, so composedly, that they had not displaced a leaf of the herbs with which it was strewn. The court was all bestrewn with herbs and sprinkled with vinegar, as a precaution against gaol air and gaol fever.

Oglethorpe visit a prisonGevangenbewaarders leefden van het geld, dat zij van de gevangenen ontvingen voor voedsel, voor betere accommodatie, voor 'easement of irons' e.a. Wee de gevangene die geen geld had. Reeds in 1729 had Generaal Oglethorpe het parlement ertoe gebracht een onderzoek in te stellen naar de verschrikkingen in de Fleet en Marshalsea Prisons, beide vnl. gevangenissen voor schuldenaren, waar cipiers gegijzelden dood martelden om geld los te krijgen. Oglethorpes rapport leidde tot een verbetering van enkele van de ergste wantoestanden. Maar de gevangenissen bleven een schande voor Engeland. Vaak waren zij door plaatselijke autoriteiten aan derden in exploitatie gegeven.
Op 21 februari 1809 vernamen de 'Lord Committees' van Mr.Nicholas Nixon, Deputy Warden of the Fleet Prison, dat de gevangenen geen vergoeding ontvingen voor brandstof, bedden of medische hulp. Het gevangenisgebouw liet niet toe gevangenen te isoleren en onderlinge besmetting te voorkomen.
Met de Gaol Act van 1823 werden sanitaire en zedelijke gebreken van de gevangenissen aangepakt en aan de rechters werd opgedragen ieder kwartaal de gevangenissen te visiteren. Doordat de landelijke overheid geen administratieve middelen had om de gemeenten en houders van gevangenissen tot medewerking te dwingen, heeft de Gaol Act weinig verbetering gebracht. Een wet van 1835 maakte het de 'Home Secretary' mogelijk om inspecteurs aan te stellen. Hun eerste rapport is dat van 1836. Bovendien moesten de rechters reglementen voor het beheer van onder hen ressorterende gevangenissen opstellen en aan de 'Home Office' voorleggen.

In 1844 kwam er een 'Surveyor-General' op de gevangenissen die het Home Office en de plaatselijke overheden adviseerde over de bouw en inrichting van de gevangenissen. In de jaren 1840 werden meer dan vijftig nieuwe gevangenissen gebouwd. Zij bepalen tot op heden het gezicht van de Engelse gevangenissen in aanzienlijke mate.
Uit het eerste rapport (1836) van de gevangenisinspecteurs blijkt, dat toen de situatie nog niet verbeterd was. Vergelijkt men hun bevindingen, met wat Dickens beschreef, dan zou men zich gaan afvragen, of Dickens zijn beschrijving van gevangenissen terwille van de verkoopbaarheid van zijn boeken gekuist heeft. Ter illustratie volgt hieronder een uittreksel uit het eerste rapport van 2 mei 1836 (op 31 maart was de eerste maandelijkse aflevering van The Pickwick Papers verschenen):

The inspectors visited Newgate Prison, first the 'Chapel Yard' rooms. In some rooms were 50 prisoners.
"Here were associated together the convicted and the untried, the felon and and the misdemeanant, the sane and the insane, the old and young offender..... all the classes, which are required by the Gaol Act to be kept distinct, ("care being taken that prisoners of those classes do not intermix with each other,") are here confounded together; and, as if to increase the evil, and to show a greater contempt for the law, there is also added the insane.
In ward No.10 we found that the wardsman, a convicted prisoner, owned all the bedding, crockery ware, the knives, forks, kettles and saucepans, for the use of which each prisoner pays him 2s.6d. per week. The above-mentioned articles are purchased for the purpose by the wardsman, upon his appointment to his situation. ---- who was wardsman until a few days ago in this ward (No.10), paid on his appointment, £3.10s. The present wardsman, ---- has as yet paid nothing; but if he continues his situation he will do so, and will receive from the prisoners the usual pay. In this ward, in consequence of the high demand of money for extra accommodations, such as are considered the most decent and respectable of the prisoners are usually placed; and it appeared to us, that as many as were able to pay the sum required, readily found admission to it ....
We also found several books: amongst them Guthrie's Grammar, a song book, the Keepsake Annual for 1836, and the ---- by ----, 18 plates, published by Stockdale, 1827. This last is a book of a most disgusting nature, and the plates are obscene and indecent in the extreme. It was claimed as his property by a prisoner named----, and was kept in the cupboard without any attempt at concealment. We also met with large bundles of papers, which on examination proved to be rough draughts of briefs for the use of prisoners' counsel; and were informed by one or two of the principal turnkeys, that the wardsman of No.10, Chapel Yard, and also the wardsman of the Master's Side Yard, are permitted by the prison authorities to draw briefs for the defence of prisoners, both male and female, and to receive 5s. for each brief.
Though it is said that only one person is allowed by the prison regulations to visit any prisoner on the visiting days, yet, in addition to our having seen several friends at one time visiting the same prisoners, we find that there are several modes of evading this rule; for, as all the prisones have access to the yard during the visiting hours, any one prisoner may see the friends of all the rest; and under the pretence of seeing different prisoners, a number of friends may contrive to hold unrestricted intercourse with any one prisoner. Visitors are searched at the outer lodge; men by a male officer, and women by a female, who are always in attendance for that purpose. But from the number of visitors, which on some days amounts to 100 or 150, the shortness of the time for search of so many, the disagreeable nature of the duty, the impossibility of its being effectively performed, and the result of our inquiries among prisoners and officers, we are satisfied that various improper and dangerous articles, such as cards, tobacco, watch-soring saws and fine files, to aid attempts to escape, pocket fire-arms, powder and balls, might with ease be introduced to a considerable and alarming extent.
.....
Among the visitors, persons of notoriously bad character, prostitutes, and thieves, find admission. Many of the prostitutes are very young girls, sometimes not more than twelve or thirteen years of age: others have visited different men, yet are admitted under the name of wives and sisters. Several prisoners have informed us that such characters are common among the visitors; and the officers whom we have examined have acknowledged that though they use precautions to exclude bad characters, yet many such they know have daily ingress; and that they  have the governor's permission to admit to a man who has no respectable friends, the woman or girl he has lived with, that she may supply him with provisions and clean linen; this permission extends both to the untried and to the convicted.

In ward No.12 were six prisoners, four convicted and two untried;..... Here we found a man aged 38, under a sentence of 12 months' imprisonment for an assault on a lad, with an intent to commit an unnatural offence; two lads of 17 and 18 years of age, one under a 14 days sentence; the other untried, being charged with a slight offence for which he was afterwards sentenced to a month's imprisonment; a man, aged 35, under sentence of transportation for life, for forgery; another aged 34 under sentence of seven years' transportation; and the sixth, aged 34, for the  nonpayment of several small sums of money."

Naar boven

2. De gevangenissen voor schuldenaren.

In 1811, dertien jaren vóór de eerste arrestatie van John Dickens, kwam in de Marshalsea Prison Thomas Culver om. Hij stierf door vervuiling en verhongering. Het rapport van de lijkschouwing laat hierover geen twijfel bestaan. Het voorval trok zo'n aandacht, dat een 'Lords Committee' werd ingesteld voor onderzoek. Het verslag van dit onderzoek is dusdanig illustratief voor de toestanden in de gevangenis voor schuldenaren, dat hieronder het verslag van de lijkschouwing door de Coroner is opgenomen:

SURVEY.

'AN INQUISITION indented, taken for our Sovereign Lord the King, in the Prison of our said Lord the King, called the Marshalsea Prison, in the County of Surrey, on the 7th Day of January, in the Fifty-first Year of the Reign of our Sovereign Lord George the Third, by the Grace of God of the United Kingdom of Great Britain and Ireland King, Defender of the Faith, before Charles Jemmett, Coroner of our said Lord the King for the said Country, on view of the Body of Thomas Culver a Prisoner, in said Prison, now here lying dead, upon the Oath of Henry Hales, Joseph Dakin, William Pearcey, Daniel Birt, James Sheriff, Robert Richmond, Thomas Fulwood, George Barnett, Robert Wellan Malpas, Thomas Plummer Raby, Nathaniel Denham, William Wainwright and Francis Chapman, good and lawful Men of the said County, duly chosen, and who being now here duly sworn and charged to enquire for our said Lord the King, when, how, and by what Means the said Thomas Culver came to his Death, do upon their Oath say that the said ThomasCulver was a Prisoner in the said Prison, situated in the County of Surrey aforesaid, in the Prison aforesaid, for a long Space of Time from the 15th Day of November, in the Year aforesaid, until the 4th Day of January in the same Year, and that in the said 15th Day of November in the Year aforesaid, in the Prison aforesaid, in the County aforesaid, the said Thomas Culver became and was sick and diseased in his Body; and that the said Thomas Culver of such Sickness and Disease, and for want of proper and sufficient Food, Sustenance, and Necessaries for the Support and Maintenance of his Body in the said Prison, in the County aforesaid, did languish, and languishing did live from the said 15th Day of November aforesaid until the said 4th Day of January in the Year aforesaid; and on the said 4th Day of January in the Year aforesaid, the said Thomas Culver, in the said Prison, and in the County aforesaid, of such Sickness and Disease, and for want of sufficient Food, Sustenance, and Necessaries for the Support and Maintenance of his Body, did die; and that William Palmer of Union Street, Southwark, Apothecary, did not pay proper Attention to the said Thomas Culver during his illness; and so the Jurors aforesaid, upon their Oath do say, that the said Thomas Culver, In Manner and by Means aforesaid, came to his Death. In witness whereof the said Coroner, as also the said Jurors have to this Inquisition, set their Hands and Seals, the Day and Year first above written.

Een samenvatting uit de 'Minutes of Evidence':
De 'Lords' ondervroegen o.a. William Jenkins, 'Keeper of the Marshalsea', personen die gevangen zaten tezamen met Thomas Culver, de dokter, en juryleden. Van Jenkins hoorden zij over de aanwezigheid van een Master Side en een Poor Side, en over het eten, drinken of geld daarvoor, dat men aan de Poor Side van liefdadigheid kreeg. Jenkins wist echter niet hoe, als hij daartoe opdracht gaf, de gevangenbewaarders een portie eten of drinken moesten  financieren. Men kan zich derhalve afvragen, of Culver die wel ontving. Culver ontving niet de Six-pences die zijn schuldeisers hadden behoren op te brengen. Nathan Settle, een gevangene, vertelde wat de dokter deed, of liever wat de dokter niet deed [uit angst zelf besmet te raken?]). Culver kreeg wel herhaaldelijk een 'stool'. Settle vertelde ook over het 'entreegeld', dat men bij binnenkomst in de gevangenis moest betalen, om aan een bed te komen. De 'Lords' waren zo ontzet toen zij hiervan hoorden, dat zij daarover nog een keer Jenkins ondervroegen. Vervolgens hoorden zij de medegevangene William Hammenton, die ook met zijn vrouw aan de Poor Side zat, en van zijn schamel eten nog afstond aan Culver. De vrouw van Hammenton ging voor Culver de gevangenis uit om Culver's kleren te verpanden. Ook Thomas Brade vertelde in feite dat de dokter Culver niet onderzocht, maar slechts een meegebrachte poeder verstrekte. Copsey vertelde, dat Culver oorspronkelijk een oergezonde man was, ondanks zijn leeftijd. Copsey vergeleek de toestand in Marshalsea met Newgate, vnl. een gevangenis van misdadigers. Daar kreeg men gratis onderdak en voeding! Hij ging uitvoerig in op de eedaflegging, om in de Poor Side te komen t.b.v. de 'liefdadigheids' uitkeringen (charities). Jenkins, opnieuw gehoord, bracht de tekst van deze eed mee. Copsey werd door valse verklaringen (niet onder ede) van twee gevangenen die aan de Poor Side de scepter zwaaiden, een tijd uit de Poor Side geweerd met behulp van de justitiele klerk. Nathaniel Denham vertelde hoe de lijkschouwer snel naar huis wilde, naar zijn 'comforts' en veronderstelde dat de juryleden dat ook wilden. Hij stelde daarom de gebruikelijke uitspraak 'Visitation by God' voor.
Wij zullen deze zelfde toestanden terugvinden in Dickens' tijd.
De parlementaire rapporten geven geen uitvoerige beschrijving van de King's Bench Prison.  Enige gegevens kan men echter ontlenen aan de beschrijving van de toestanden in het rapport van 1815, zoals:

The prison contains within the walls about 200 rooms, 8 of which are called state rooms, and are let for 2s.6d. each per week, unfurnished:..

The prison was formerly divided into Master's Side and Poor Side; that distinction has long ceased, though there are a few of the lower rooms, at back of the prison, exclusively occupied by the poorer classes....
Het parlementaire rapport van 1818 noemt de Fleet Prison een gevangenis voor personen "under process of debt issuing out of the courts of Common Pleas and Exchequer" en van personen tot gevangenisstraf veroordeeld wegen 'contempt' op last van beide genoemde hoven of op last van de Court of Chancery".

In deze gevangenis konden mr.Pickwick en Sam Weller dus inderdaad chancery-gevangenen ontmoeten.(ch.42+44) The Pickwick Papers zijn hierin juist.

Het rapport van 1818 noemt de Fleet Prison een modern, sterk, solide gebouw en beveiligd tegen brand door stenen trappen en stenen vloeren in de galerijen en kamers, behalve de bovenste verdieping, waar de vloeren met planken waren beschoten. De gevangenis en de open ruimte waren omgeven door een hoge muur met Spaanse ruiters. Er waren vijf verdiepingen met galerijen over de hele lengte. Alle galerijen hadden talloze deuren naar telkens een kamer.

Toen in 1846 de Fleet Prison werd afgebroken.Schreef op 14 maart The Illustrated London News o.m. het volgende:


The interior arrangement were very simple: -- On each of five stories, a long passage extended from one extremity to the other, with almost countless doors opening in single rooms. These passages, or galleries, were ill-lighted ; and with their dark and dirty appearace, and turmoil of prisoners and visitors passing to and from the rooms, the ceaseless banging of doors, echocing through the vaulted roofs, they had a most extaordinary effect upon the nerves of the sensitive visitor, and made him shudder at man's self-imposed suffering. The rooms presented the usually wretched aspect of a Debtor's prison luxury, in dirty-white squalor of the walls, perchance scrawled with the offscourings of a low mind, or vulgarity ill at ease. Perchance, too, the light streamed through murky and begrimed glass upon a bed of "London white,", which the occupant, in the heyday of his dissipation, would have scarcly deemed, fit for a pauper. In short, the tattered curtain, the rickety of broken furniture, and the " G. R " upon the jambs of grate, denoted " all manner of unrest," however those initials, under ordinary circumstances, impart the idea of security, and Royl possession.
The inmates and strugglers in this house of care, presented almost a various aspects as those of a Spanish crowd. Here might be seen the turbaned debtor, bewrapped in the dirty relics of his flannting finery, the cidevant man of property creeping about in rags, and craving to do the office of menial, and the woful wife ministering to cheat sorrow of a smile, yet heart-sick and sore. Ever and anon, doors opened, and then came forth the revel shout and the jolly laugh -- the indiscriminate lcome, which woud have the whole world for one table, and then keep it in a roar, They, whom curiosity tempted to stroll hither, did not soon forget the rabble root, and their nestling places
Whence even not the tumult of loud mirth
Was rife and perfect to the listening ear.
Alack ! what "strange bedfellows" did Debt - a phase of misery - make men acquainted with in the Fleet.
If a prisoner did not wish to go in the Common Side, (a Building apart, and to the right of the Master's side, where he was put, with several other prisoners, into a common room, divided within only cabin-fashion, for which he paid nothing), he had the choice of going down into the "Bartholomew Fair,", the lowest and sunken story, where he paid 1s.3d. for the undisturbed use of a room; or up to the better appartments, where he paid the same rent, but was subject to chummage, i.e., a fellow-prisoner punt into his room, or "chummed upon him," but who might be got rid of by a payment of 4s.6d. per week, or more, according the the fulness of the Prison. The latter prisoner would then provide himself with a common lodging, by letting which prisoners in the Fleet are known to have accumulated hundred of pounds in the course of a few years.

Deze beschrijving past uitstekend bij The Pickwick Papers:
Mr. Tom Roker, the gentleman who had accompanied Mr. Pickwick into the prison, turned sharp round to the right when he got to the bottom of the little flight of steps, and led the way, through an iron gate which stood open, and up another short flight of steps, into a long narrow gallary, dirty and low, paved wit stone. And very dimly lighted by a window at each remote end.
"This,"said the gentleman, thrusting his hands into his pockets, and looking caqrlessly over his shoulders to Mr. Pickwick, "this here is the hall flight."
"Oh," replied Mr. Pickwick, looking down a dark and filthy staircase, which appeared to lead to a range of damp and gloomy stone vaults, beneath the ground, "and those, I suppose, are the little cellars where the prisoners keep treir small quantities of coals. Unpleasant places to have to go down ; but very convenient, I dare say."
"Yes, I should't wonder if they was convenient," replied the gentleman, "seein hat a few people live there, pretty smug. That's the Fair, that is."
"My friend," said Mr. Pickwick, "you don't really mean to say that human beings live down in those wretched dungeons?"
"Don't I?" replied Mr. Roker, with indignant astonishment ; why shouldn't I?"
"Live ! Live down there !" exclaimed Mr. Pickwick.
"Live down there ! Yes, and die down there, too, wery often !" replied Mr. Roker ; "and what of that? Who's got to say anything agin it? Live down there ! Yes, and a very good place it is to live in, ain't it?"
?.. Mr. Roker then proceeded to mount another staircase, as dirty as that which led to the place which had just been the subject of discussion, in which assent he was closely followed by Mr. Pickwick and Sam.
"There," said Mr. Roker, pausing for breath when they reached another galllery of the same dimensions as the one below, "this is the coffee-room flicht ; the one above's the third, and the one above that's the top ; and the room where you're a-going to sleep to-night is the warden's room, and it's this way --- come on." Having said all this in a breth, Mr. Roker mounted another flight of stairs, wich Mr. Pickwick and Sam Weller following at his heels. [ch.41].

De Marshalsea Prison is herbouwd in 1812. Over de oude gevangenis schreef Dickens in The Old Man's Tale about the Queer Client (The Pickwick Papers ch.21) :

In the Borough High Street, near St. George's Church, and on he same side of the way, stands, as most people know, the smallest of our debtors' prisons, the Mashal-sea. Although in later times it has been a very different place from the sink of filth and dirt it once was, even its improved condition holds out but little temptation to the extravagant, or consolation to the improvident. The condemned felon has as good a yard for air and exercise in Newgate, as the insolvent debtor in the Marshalsea Prison.
It may be my fancy, or it may be that I cannot separate the place from the old recollect-ions associated with it, but this part of London I cannot bear. The street is broad, the shops are spacious, the noise of passing vehicles, the footsteps of a perpetual stream of people - all the busy sounds of traffic, resound in it from morn to midnight, but the streets around are mean and close; poverty and debauchery lie festering in the crowded alleys ; want and misfortune are pent up in the narrow prison ; an air of gloom and dreariness seems, ion my eyes at least, hang about the scene, and to impart to it a squalid and sickly hure.
Many eyes, that have long since been closed in the grave, have looked around upon that scene lightly enough, when entering the gate of the old Marshalsea Prison for the first time: for despair seldom comes with the first severe shock of misfortune. A man has confidence in untried friends, he remembers the many offers of service so freely made by his boon companions when he wanted them not; he has hope - the hope of happy inexperience - and however he may bend beneath the first shock, it springs up in his bosom, and flourishes there for a brief space, until it droops beneath the blight of disappointment and neglect. How soon have those same eyes, deeply sunken in the head, glared from faces wasted with famine, and sallow from confinement, in days when it was no figure of speech to say that debtors rotted in prison, with no hope of release, and no prospect of liberty ! The atrocity in its full extent no longer exists but there is enough of it left to give rise to occurences that make the heart bleed.


De wet van 1842 vermeldt, dat in de Marshalsea Prison ook gevangenen van de Admiraliteit werden ondergebracht: Volgens Grant werden in de Marshalsea Prison ondergebracht officieren en anderen, die door de militaire rechtspraak van de Royal Navy waren veroordeeld wegens muiterij, desertie, e.d., alsmede personen gearresteerd wegens schulden of 'contempt of Court' door het 'Palace Court'.

Alinea 2 van Book I, ch.6 in Little Dorrit is dus correct:
.. Itsel a close and confined prison for debtors, it contained within it a much closer and more confined jail for smugglers. Offenders against the revenue laws, and defaulters to excise or customs who had incurred fines which they were unable to pay, were supposed to be incarcerated behind an iron-plated door closing up a second prison, consisting of a strong cell or two, and a blind alley some yard and a half wide, which formed the mysterious termination of the very limited skittle-ground in which the Marshalsea debtors bowled down their troubles.
Supposed to be incarcerated there, because the time had rather outgrown the strong cells and the blind alley. In practice they had come to be considered a little too bad, though in theory they were quite as good as ever; which may be obeserved to be the case at the present day with other cells that are not at all strong, and with other blind alleys that are stone-blind. Hence the smugglers habitually consorted with the debtors (who received them with open arms), except at certain constitutional moments when somebody came from some Office, to go through some form of overlooking something which neither he nore anybody else knew anything about.On these truly British occasions, the smugglers, if any, made a feint of walking into the strong cells and the blind alley, while this somebody pretended to do his something; and made a reality of walking out again as soon as he hadn't done it - neatly epitomissing the administration of most of the publica affairs in our right little, tight little, island.


Bron: report from the Commissioners Appointed to inquire into the state, conduct,and management of the Prison and Gaol of the Fleet; and also, of the Prison and Gaol of the Court of His Majesty's Palace at Westminster; and the Court of the Marshalsea of his Majesty's honourable Household; and of the Prisoners in the said respective Prisons confined. (Dated 29the October 1818). - British Parliamentary Papers; Crime and Punishment; Prisons 8 ; State and management of Prisons. -Shannon: Irish University Press, 1970. -SBN 7165 1031 6.

Van de Marshalsea Prison is een beschrijving en plattegrond opgenomen van William Jenkins, de Deputy Marshal. Het rapport van 1818 vermeldt:
... it appears to us that this prison, although the greater part of this prison was built only about six years ago, is in may particulars much inferior to that of the Fleet, and to the generalty of modern prisons. The form amd dimensions of the building will be best understood by the plan, and by the description of the prison given by the witness William Jenkins, both of which we have caused to be annexed hereto.
The boundary wall comprehends so contracted a space, and the body of the building is in all parts so near to it, as to leave no sufficient area for any active exercise except walking; nore is there any convenience for any sort of exercise in bad wheather; but there is contiguous to the wall on the outside, a void space of ground of about two hundred and seventy-eight feet by fort-five feet, which, if purchased and securely inclosed, might be made to contriute to the comfort, health and cleanliness of the prisoners, and would afford the means of improving the drains.
The prison is separated into two divisions, one called the Admiralty division, and is appro-prated to criminal prisoners, but does not appear to have been used for some years past for any except those under sentence of naval courts martial; and it affords no means of separating the officers from the privates, or prisoners committed for different offences, from each other.
The only appartment in the Admiralty division are, -- ten night rooms, one day room, and two strong rooms for refractory prisoners; six of the night rooms are on the upper floor, each of them fit to one prisoner; but the other four are on the ground floor, and open into the day room, which is also kitchen; these four are too small and close to be used, except in cases of necessity; and as they appear to have been taken out of the day room, which is thereby too much contracted, that room mightbe improved by reuniting them; which we recommend, under the presumption that the late Act of the fifty-sixth of Your Majesty will render their continuance no longer necessary. The strong rooms having no admission for air, except through a grating in each door, are too slose and damp, and therefore require to be better ventilated, and the wall themselves to be rendered and stronger and more secure than they appear to be at present. There is no infirmaty in this division; and the only yard for air and exercise is twenty-nine feet by twenty-three, in the middle of the building, and necessarily between high walls. This division was formerly part of the county gaol, and purchased from the county when the new gaol was erected in Horsemonger Lane.
The other division of the prison, exclusive of the deputy marchal's house, and of the chapel, which is common to both, is properly for the reception of prisoners from the court of Your Majesty's palace at Westminster, and of civil prisoners, if any there were, from the court of the Marshalsea of Your Majesy's honourable household. It consist of three stories, containing fifty-six small rooms, most of them about ten and a half feet square, and from eight to nine feet high; four of these are appropriated to two of the turnkeys and their families, and two other to the prisoner keeping the chandler's shop. Of the remaining fifty, seven, being the whole of one staircase, are appropriated to females; and seven on another staircase, form what is called the Poor side; of the remaining thirty-six, being called the Master's side, four have, till lately, been occupied by naval officers, committed under sentence of naval courts martial, who have been allowed this indulgence, as the only means of separating them from the privates; but it may be expected that this accommodation will no be required in future.
There are also, in this division of the prison, the following rooms: -- a public room called the day-room, sometimes also called the kitchen; another room called the ale-room, sometimes called the tap-room, and sometimes the coffee-room; above these rooms, on the first floor, is one bed room for the person who keeps the tap, and one for one of he turnkeys; above these is an infirmary for men, and opposite to it, one for women; and between these two is an small room for a surgery. It appears from the evidence, that these infirmaries are stated to be properly warmed, and each of them capable of containing six beds; but there being rarely occasion to use the infirmaty for any sick female, it is generally applied to the accommodation of prisoners on their first admission, and till they can provide themselves with bedding elsewhere; the bedding being provided by the tapster at sixpence a night.
[Report p.357-8]


De beschrijving van de Marshalsea Prison in Little Dorrit is in de plattegrond terug te vinden:

It was an oblong pile of barrack building, partitioned into squaled houses standing back to back, so that there were no back rooms; environed by a narrow paved yard, hemmed in by high walls duly spiked at top.[Book I, ch.6]


In de plattegrond kan men ook zien, dat de 'tavern establishment' inderdaad lag 'at the upper end of the prison' zoals hoofdstuk I.8. van Little Dorrit aangeeft. Little Dorrit had 'a lodging at the turnkey's (in het eerste huis rechts), 'sky parlour', dus op de vierde. Als Frederick Dorrit Arthur de gevangenis binnen leidt, neemt hij de rechterzijde van de 'yard', dus op de plattegrond de zijde van de 'vacant ground' en gaat het derde of vierde huis in naar de tweede verdieping. De juiste kamer van William Dorrit is dus niet aan te wijzen...
Arthus followed him [Frederick Dorrit] down a narrow entry, at the end of which a key was turned, and a strong door was opened from within. It admitted them into a lodge or lobby, across which they passed, and so through another door and a grating into the prison. The old man always plodding on before, turned round, in his slow, stiff, stooping manner, when they came to the turnkey on duty, as if to present his companion. The turnkey nodded; and the companion passed in without being asked whom he wanted.

The night was dark; and the prison lamps in the yard, and the candles in the prison windows faintly shining behind many sorts of very old curtain and blind, had not the air of making it lighter. A few people loitered about, but the greater part of the population was within doors.
The old man, taking the right-hand sight of the yard, turned in at the third or fourth doorway, and began to ascend the stairs.they are dark, sir, but you will not find anything in the way.'


Arthur ging dus de zijde langs de 'Vacant Ground' op. Doordat zij het derde of vierde huis naar de tweede etage ingaan, is de kamer van William Dorrit niet aan te wijzen.  Later vertelt Tip aan Arthur:
The governor sleeps up in the room, and she has a lodging at the turnkey's.First house there,'said Tip, pointing out the doorway into which she had retired. 'First house, sky parlour. She pays twice as much for it as she would for one twice as good outside. But she stands by the governor, poor dear girdl, day and night.'

This brought them to the tavern-establishment at the upper end of the prison, where the collegians had just vacated their social evening club. The appartment on the ground-floor in which it was held, was the Snuggery in question. [Book I ch.8].
Ik kan de door mij gevonden gegevens over de Marshalsea Prison, waaronder zelfs een plattegrond niet in overeenstemming brengen met die opgetekend door W.Kent in zijn artikel The Marshalsea Prison in The Dickension 23(1927)P.260-4.

Een van de vroegste 'statutes' , waarin een van deze gevangenissen wordt vermeld, is van 1339. Daarin wordt de 'Fleet' genoemd. De 'warden' daarvan, werd evenals bewakers van andere, niet bij name genoemde gevangenissen, aansprakelijk gesteld voor ontsnappingen.
Uit 1 Rich.ii,c.12 [1377] blijkt, dat gevangenen een zekere voorkeur hadden voor de Fleet Prison, wegens zijn 'greater sweet'. Wij vinden iets van dit groter 'sweet' terug in The Pickwick Papers[ch.40], als Perker Mr.Pickwick bezweert om niet naar Whitecross te gaan, maar naar de Fleet.

De King's Bench en de Marshalsea Prisons werden vermeld in een wet van 1601. Volgens deze wet werd van iedere parochie een wekelijks bedrag geheven. Daarvan werd per county voor elk van beide gevangenissen 20s. voor de arme gevangenen bestemd. Latere wetten brachten wijzigingen in de hoogte van deze heffingen.

In een wet van 1697 om schuldeisers te ontlasten van de gevolgen van ontsnappingen en ter voorkoming van misstanden werden King's Bench, the Fleet, de Marshalsea en Newgate gevangenissen genoemd. Het effect van deze wet was beperkt, althans in 1702 werd een nieuwe wet uitgevaardigd om ontsnappingen uit Queen's Bench en Fleet met hulp van de marshal of warden te voorkomen. Vijf jaar later werd deze wet aangescherpt.

In 1813 werd de bijdrage, die ieder 'County' moest opbrengen voor de King's Bench en Marshalsea opnieuw vastgesteld en de vroegere bepalingen terzake ingetrokken. Bovendien werd de bijdrage voortaan ook voor de Fleet Prison bestemd. Voor alle counties werden de jaarlijkse bijdragen per gevangenis vastgesteld variërend van £2 tot £50. Alleen Middlesex droeg voor King's Bench £100 en voor Marshalsea £200 bij. Kennelijk in verband met het beperkte rechtsgebied van het Marshalsea Court moesten voor de armen van de Marshalsea Prison slechts Essex West Division, Kenty West Division, Middlesex en Surrey geld opbrengen, resp. £25, £25, £200 en £50. De totale bedragen werden aldus per jaar voor King's Bench £680, Fleet £520 en Marshalsea £300.
De betrokken rechters en autoriteiten moesten achterhalen welke giften en legaten bestemd waren voor de gevangenen; van deze schenkingen moesten in de gevangenissen lijsten worden opgehangen. Op deze wijze hoopte men te voorkomen, dat gevangenbewaarders deze schenkingen in hun zak staken.

In de Lords' Act valt o.m. te lezen, dat bepaalde rechters 'rules and orders for the better government of the Gaols and Prisoners there in' konden vaststellen, resp. aanpassen. Het parlementair rapport van 1815 geeft t.a.v. King's Bench Prison aan, dat de rechters verordeningen hebben opgesteld in 1729, 1760 en later.
Volgend op een nieuwe 'relief act' van 1721 werden de 'Rules and Orders' van de Fleet Prison in 1729 opnieuw vastgesteld. Op basis van dezelfde wet kwamen de Constitutions and Orders voor de King's Bench Prison tot stand getekend door de Chief Justice of the Court of King's Bench, de Master of the Rolls; de Chief Justice of the Court of Common Pleas, de Chief Baron of the Court of Exchequer en door anderen. Daarin zijn de oudere Rules and Orders van 1687 opgenomen. De 'fees' werden door dezelfde hoogste rechters vastgesteld in 1727.

Het Committee van 1815 volgde t.a.v. de grondslag van de Marshalsea Prison, de verklaring afgelegd door Sir James Bland Burgess. Deze beriep zich op 'two patents of King Charles the First, and King Charles the Second'. Hij heeft deze voorgelegd aan het Committee. De Table of Fees (1765) was ondertekend door zes personen. Daarvan was Mansfield de Lord Chief Justice of His Majesty's Court of King's Bench hij onderschreef ook, in 1759, 'further Rules and Orders and Table of Fees for King's Bench prison'). T.Parker was vermoedelijk Sir Thomas Parker (1695-1784), die toen Chief Baron of the Court of Exchequer was. Charles Pratt (1714-1794) werd in 1761 benoemd tot Chief Justice of the Court of Common Pleas.

Na de wetten, 'rules and orders' en de bekendmakingen van de 'Marshal' of 'Warden', kwamen de reglementen van de gevangenen zelf. De 'rechtsgrond' van deze reglementen lijkt min of meer in de 'rules and orders' van de rechters of rechtbanken te zijn verankerd. De gevangenen aan de 'Common Side' 'have full power to make a free and open election of a steward every year'. Diens taak werd in de 'rules and orders' aangegeven.
In 1814 kwamen tot stand de 'Regulations (of the Prisoners own making) for maintaining good Order in the Marshalsea Prison'. Er werd een bestuur gevormd met een secretaris en een 'Master of the ale-room', die daarvoor geld kregen, en er was een geschillencommissie. Er waren als straffen boeten en een soort uitsluiting: 'coventry'. Wij treffen er het entreegeld aan uit de Minutes of Evidence on the death of Thomas Culver (article 1ste), thans 7s. In 1818 hebben de gevangenen een nieuw reglement gemaakt. Er werd dus nog al eens aan gesleuteld. Zij waren getekend door de Deputy Marshall, die gezien het toenmalig hoge analfabetisme, en de bepalingen van een godsdienstig karakter, er wel meer aan gedaan zal hebben dan alleen zijn handtekening zetten.

Het reglement, waar Charles vader aan mee werkte, bestond dus inderdaad.
(Aurobiografic Fragment)

De inhoud van de 'internal regulations' komt overeen met het ordereglement, dat gold in 1814.

In David Copperfield wordt slechts gesproken over 'a club in prison', zonder enige toelichting wat die club deed (ch.11), anders dan het zenden van een petitie aan het parlement.

Uit het bovenstaande blijkt hoe heel het gevangeniswezen, met inbegrip van alle wantoestanden, juridisch uitvoerig was geregeld.

Naar boven

3. Aantal gevangenen wegens schulden.

In de 18e eeuw was de toename van het aantal gevangenen wegens schuld vermoedelijk hoofdoorzaak van de overbevolking van de gevangenissen. In 1776 zat c,a. zestig procent van de gevangenen vast vanwege schulden. Het parlementslid Mr.Hume schatte in 1827 voor heel Engeland het aantal wegens schulden gevangenen op twintig tot dertig duizend. Er zaten 3130 personen voor schulden gevangen in de metropool van Londen. In Middlesex waren in drie tot vier maanden circa 3000 arrestaties voor schulden verricht.

King's Bench Prison was de grootste van de drie landelijke gevangenissen voor schuldenaren. Op 22 april 1806 waren erin de King's Bench Prison 608 gevangenen. In 1809 verklaarde de Marshal, Wm.Jones, dat de gevangenis geschikt was voor 200 tot 220 gevangenen. De laatste jaren waren er soms meer dan 500 en ten tijde van mr. Jones' verklaring (14 febr.1809) was hun aantal meer dan 700. Ongeveer een kwart verbleef in de 'Rules', een aantal straten in de directe omgeving van de gevangenis (hierop wordt uitvoerig teruggekomen). Gewoonlijk werden twee gevangenen in één kamer ondergebracht, maar als er erg veel gevangenen waren, konden er drie in één kamer zijn.
Aan de gecommiteerden van 1815 verstrekte William Jones de volgende gegevens:

Aantal gehuwde vrouwen, die met hun echtgenoot wonen in de gevangenis, momenteel ongeveer- - 80.
Aantal kinderen, ongeveer - - 100.
Aantal personen, die een kamer alleen hebben door hun 'chums' uit te kopen, ongeveer - - 80.
Aantal gevangenen binnen de muren van de King's Bench Prison - -440.
Aantal gevangenen binnen de 'Rules' - - 220.


Het Comité merkte hierbij op, dat er meer accommodatie moest komen:
The King's Bench prison cannot conveniently hold more than 400 persons: Mr.Jones indeed says it is capable of containing 500; but, considering the size of the rooms, and the necessity of having some single apartments for the accommodation of persons under sentence of the courts of justice, Your Committee conceive that two prisoners in each room are as many as ought to be so placed: Some further accommodation is therefore wanting, as, during the last year, nearly 600 persons have at one time been confined within the walls of the prison.

In 1829 werden 1527 schuldenaren in deze gevangenis opgenomen, 1266 op Mesne Process. Op 1 januari 1830 vertoefden er 671.
De Fleet Prison kwam in grootte na de King's Bench Prison. Daar waren op 18 april 1806 286 gevangen. Voor het Committee van 1809 getuigde echter Mr.Nicholas Nixon, de Deputy Warden of the Fleet, dat er toen 380 gevangenen binnen de muren en in de 'Rules' waren. Nixon was van mening, dat de Fleet binnen en buiten de muren ongeveer 250 gevangenen kon herbergen. Er waren iets meer dan honderd kamers, maar een gedeelte was beneden en zelfs onder de grond. Daarin werd slechts n persoon per kamer geherbergd.Op 17 maart 1815 bevonden zich binnen de muren 209 gevangenen en in de 'Rules' 52. Daarvan zaten er 20 voor 'Contempts of Courts of Equity' (Chancery Prisoners !) en 12 als Crown Debtors. Er verbleven dus 261 wegens schulden gevangenen. Bovendien waren er nog 50 vrouwen en 77 kinderen. Totaal dus 388 personen! En hierbij tekende het Committee o.a. aan, dat de gevangenis 109 kamers had. Vijftien daarvan vormden de 'Bartholomew Fair'. waarin arme gevangenen met grote gezinnen werden ondergebracht. Drie zonder haard, werden niet 'verhuurd' en twee werden bezet door resp. een blinde en een waanzinnige.Ik noemde deze Fair al eerder.
Er waren in 1815 dus 20 'Chancery prisoners'. In The Pickwick Papers ontmoeten wij er twee: de gevangene, die Mr.Pickwick uit zijn kamer 'koopt,(ch.42) en de schoenmaker bij wie Sam in trekt (ch.44.)
Op 25 maart 1815 waren in de Fleet Prison aan de 'Common Side' 23 gevangenen. Het rapport van 1818 vermeldt echter, dat doorgaans zeven of acht personen gerechtigd waren te delen in de 'allowances' aan deze 'Common Side'. In 1829 nam de Fleet 609 gevangenen op, 509 op Mesne Process. Op 1 januari 1830 waren er 242 op Mesne en Final Process. Daarbij waren de 'Crown Debtors' en de 'Chancery prisoners' niet meegerekend.
De Marshalsea Prison: Ten tijde van de ziekte en het overlijden van Thomas Culver, waren er slechts vijf gevangenen aan de 'Poor Side'. Op 5 april 1815 waren er daar 10 tegen 54 'Master Side Debtors'. Bovendien zaten er 7 'Admiralty Prisoners in Solitary Confinement en drie andere gevangenen. Het aantal vrouwen en kinderen was resp. 24 en 32. In 1818 bleek echter, dat gedurende de laatste twee jaren het grootste aantal schuldenaren 123 was en ten tijde van de rapportage waren er 103.In 1829 nam Marshalsea 310 gevangenen op, 245 op Mesne Process. Per 1 januari 1830 zaten er 113 vast. Dat John Dickens zijn vrouw en jongste kinderen in de gevangenis bij zich had, was dus een normale zaak. (Autobiografic Fragments)
Little Dorrit(I,6): Als William Dorrit aan de gevangenbewaarder vraagt, of het tegen de regels zou zijn als zijn kinderen met zijn vrouw mee naar de gevangenis zouden komen, antwoordt de bewaarder:
The children? And the rules?
Why, lord set you up like a corner pin, we've a reg'lar playground o'children here. Children! We swarm with 'em.'
En in David Copperfield:
... At last Mrs. Micawber resolved to move into the prison, where Mr.Micawber had now secured a room for himself. So I took the key of the house to the landlord, who was very glad to get it; and the beds were sent over to the King's Bench, except mine, for which a little room was hired outside the walls in the neighbourhood of that Institution ?.. (ch.11).

Naar boven

DE GEVANGENISSEN VOOR EN IN DICKENS' TIJD Deel 2
Dutch-Dickensian no.45

 

4. De gevangenisbewaarders
Er was geen salaris verbonden aan de functie van marshal(gouverneur) van de King's Bench Prison. Zijn inkomen kwam uit de 'fees' verbonden aan de opname in de gevangenis en aan het ontslag er uit, voorts uit de verhuur van de kamers, verdienste op de verkoop van drank, de huur van de koffiekamer, e.a. Maar zijn hoofdinkomsten kwamen voort uit het verlenen van de vrijheid om te leven buiten de muren van de gevangenis in de 'Rules'. Zijn gemiddelde bruto jaar inkomen over de laatste drie jaren (1815-1817) was £5,000.15s.8d. Daaruit moest hij echter betalen de klerken, 'turnkeys' (cipiers), de 'watchmen' (wachters), belastingen e.a., totaal £1,730.9s.6d. Zijn gemiddelde netto inkomen was toen £3,270.6s.2d. Hier kwamen nog bij de 'fees' voor borg staan en voor rechtzittingen, waardoor zijn inkomen nog £320 per jaar steeg. Maar meer dan de helft, £2,823, verdiende hij aan de 'Rules':

The RETURN of William Jones, Marshal of the King's Bench Prison, pursuant to the Orders of the Committee, containing an Account of the Average Amount of the Gross and Net Emoluments of his Office of Marshal within the Prison, from whatever source derived; and also of his Receipts, disbursements and Expenses.

By Profit on 540 butts of Porter, from the 31ste Dec. 1813 to 31ste Dec. 1814 at £1.11s. per butt
By D 65 barrels od Ale, during the same period
at 10/4 per barrel
   N.B.-No Amber is sold in the Prison.
By Room-rent, average for 3 years ------------------
By Commitments ------------------------------------
By Discharges ----------------------------------------
By Coffee-Room rent -------------------------------
By Wine at the Tap ----------------------------------
By Bakers Rent --------------------------------------
By the Rules -----------------------------------------
By Declarations against Prisoners, 1s.each
By Rules to acknowledge ----------------------------


To Salaries to Clerks ---------------------------------
To Extra ---------------------------------------------
To Turnkeys -----------------------------------------
To Watchmen ---------------------------------------
To Ezxtra and Occasional ----------------------------
To Oil and Candles ----------------------------------
To Taxes, Rates and Assessments, excl.Income Tax.
To Promiscuous Disbursements -------------
To Repairs -------------------------------------------
To Lamplighting in and about the Prison
To Coals ---------------------------------------------
To Law Expenses, upon an average --------
To Stationary, Printing, &c --------------
To Stamps --------------------------------------------

£   s.   d.     £   s.   d.
837 - -

35 2 8
-------------- 872 2 8
--------------- 391 - -
-------------- 205 - -
-------------- 272 - -
-------------- 160 - -
-------------- ...52 - -
------------ ...40 10 -
--------------2600 - -
-------------- ...19 2 -
------------- ...75 - -
             ___________
                £5,000 15 8
             ===========

------------ 302 16 -
-------------- ..50 - -
-------------- 163 - -
-------------- 110 - -
-------------- ..40 - -
-------------- ..55 - -
------------ 239 13 6
-------------- 250 - -
-------------- ..75 - -
-------------- ..45 - -
-------------- ..50 - -
-------------- 150 - -
-------------- ..50 - -
-------------- 150 - -
             ___________
                 1,730 9 6
Netto profits          3, 270 6 2
             ___________
                £5,000 15 8
             ===========



In addition to the above, I am entitled to 4d. upon every Bail, and upon every Judgment in the Court of King Bench, which fee is received by the master of the King Bench Office for my use, and accounted for by him to me, amounting upon an average top about £320. a year, which is the only fee I am to or receive out of the King Bench Prison, besides what is above stated to be received within the Prison.
N.B. - No charge is made in the above Account for losses by Escapes, which are sometimes very heavy, and for which I am, as marshal, personally answerable, there being in general from six to eight hundred prisoners for debt (and sometimes agreat many more) in my custody, some of whom are charged with very large sums of money, sometimes so high as 40 to £50,000. each. [Report on King Bench, Fleet, and Marshalsea Prisons 1815, Appendix N0 10].
De marshal van de King Bench Prison stelde het overige personeel aan, zoals de Deputy Marshal. Deze had echter geen bemoeienis met het beheer van de gevangenis, maar stond meer in dienst van de rechtbank; hij ontving voor het heen en weer brengen van de gevangenen, 'fees' per gevangenen. Hij kreeg zo £350 tot £400 per jaar binnen, wat meer had kunnen zijn ware het niet, dat hij er vrijwillig vanaf zag om 'fees'van de armste gevangenen te vragen. De Marshal gaf aan drie klerken een vast salaris. Drie cipiers en vier 'watchmen' leefden grotendeels van een salaris (van de Marshal) en van de 'fees'. De reverend William Evans ontving een fee voor iedere nieuwe gevangene. De Marshal moest ingevolge 27 Geo.ii,c.17(1745)s.17 ook de reparaties aan de gevangenis en bijbehorende gebouwen betalen, maar besteedde daarvoor slechts 'the small sum of £75.'
De Warden (directeur) van de Fleet Prison, Mr. Eyles had sinds eind 1804 een zwakke gezondheid en liet alles over aan de Deputy Warden, Mr. Nixon, die alle emolumenten ontving, behoudens £500 per jaar, die de Warden voor zichzelf behield.Alle inkomsten werden evenals bij de King's Bench Prison opgebracht door de gevangenen. Een van de gevangenen was de 'Crier', d.w.z. de man die officiële bekendmakingen rond riep. Hij diende tevens als watchman en schoonmaker. Hij kreeg daarvoor van de Warden een halve guinea per week en een eigen kamer. Een andere gevangene kreeg als klerk van de Warden een salaris van £10 per jaar. Hij was een oude man die al dertig jaren in de Fleet gevangen zat.
Mr.Nixon verdiende wat minder dan William Jones, van 8 maart 1812 tot 7 maart 1815, verdiende hij gemiddeld per jaar:

for Commitment Fees ----------------------------------- ----
for Discharge Fees-------------------------------------------
for Chamber-rent--------------------------------------------
for the Rules ------------------------------------------------
for Day Rules -----------------------------------------------

As a compensation in lieu of rent of certain houses pulled down for building the prison wall
Also Fee from the Sheriffs of London and Middle



Losses by escapes --------------------------------------------
Taxes --------------------------------------------------------
Chaplain and Clerk-------------------------------------------
Servant's Wages-----------------------------------------------
Scavenger and Watchman------------------------------------
Lamps, Candles, Coals, &c. for Prison, Office and Lodge

Leaving to the Warden a net annual income of about

---------------------£ 792
----------------£ 212 16 3
--------------£ 333 18 11
-----------------£ 985 3 6
-----------------£ 145 1 4


------------------------£ 200
--------------------£ ..18 4 4
     _________
         £2,687 4 4
             ==========


------------------------£ 300
---------------------£ 368 11
------------------------£ ..40
------------------------£ 313
---------------------£..43 18
---------------------£..60 - -
     ___________________
         £1,561 15 4
      ===========+

Kennelijk door de verbondenheid met de koninklijke huiskhouding lag het bij de Marshalsea Prison iets anders. de officiële titel van deze gevangenis was 'The Prison and Gaol of the Court of His majesty's Palace at Westminster and of the Court of The Marshalsea of His Majesty's honourable Household'. In 1815 was een lid van de koninklijke hofhouding, Sir Blad Burgers, Bart., Marshal (gouverneur). Hij oefende die functie echter niet uit, maar kreeg er wel £500 per jaar voor en een 'fee' voor iedere ontslagen gevangenen.
Mr. William Jenkins was de Deputy Marshal. Hij verdiende een vast salaris uit de koninklijke huishouding voor deze functie en een vast salaris als'Clerk of the Papers'. Beide fucnties gingen gepaard met 'fees'. Twee 'turnkeys' en twee 'watchmen' hadden eveneens vaste salarissen en 'fees'. Bovendien was er een gesalarieerde 'surgeon' en en gesalarieerd kapalaan. Wanneer de gevangene 'fees' moest betalen en hoeveel, werd al in 1765 vastgelegd.
Tegenover deze soms hoge inkomsten stond, dat de 'gaolers'financieel aansprakelijk waren voor ontsnappingen. De schuldeisers konden verhaal zoeken op de 'Fees en Profits'. Hielp een gevangenisbewaker iemand ontsnappen, dan verloor hij zijn positie voorgoed en moest £500 boete betalen. Er waren ook straffen als de bewaarder ten onrechte ontkende dat een gevangene er was, of hem niet wilde voorgeleiden.
Het is duidelijk, dat allen betrokkenen bij het beheer van deze gevangenissen financieel belang hadden bij de uitgaven van de gevangenen, voor kamerhuur, voedsel, drank, bedden enz. en bij zo min mogelijk kosten ten bate van de gevangenen als versterkende middelen en medicijnen. In de King's Bench Prison was een soort markt, waar de gevangenen konden inkopen. Daarvoor moesten de marktkooplui 1s. per week aan de Marshal betalen.
Het parlement trachtte telkens weer paal en perk te stellen aan het afpersen van geld. Het deed dit met dezelfde wetten, waarin het uitbuiten in een spinning-house werd tegengegaan. De bewoordingen waren niet mis te verstaan:
Whereas, by reason of the many grievous Extortions and ill Practices of such Persons who have for several Years past respectively executed the Offices of Marshal of the King's Bench, Warden of the Fleet, and Keeper of the Marshalsea, Newgate, and other prisons, and by several privileged Places within this Realsm, both Creditorts and Debtors have been notoriously abused, and the good Intents of the Law wholly eluded [wet van 1697].
Een van de bestreden 'ill Practices' was het helpen ontvluchten van schuldenaren. Deze wet uit 1697 scheen echter geen afdoende regelingen te treffen of werd onvoldoende nageleefd, zoals men uit latere wetten kon opmaken. Wij lezen namelijk in 'An Act for the Relief of Debtors with respect to the Imprisonment of their Persons' van 1729:
Whereas, any Persons suffer by the Oppression of inferior Officers in the Execution of Process for Debt, and the exactions of Gaolers to whom such Debtors are committed, for Remedy whereof it may be reasonable, bot only to enforce the Execution of the Laws now in Being against such Oppressions and exactions, more especially several Clauses in a Statute made at a Parliament held in the twenty-second and twenty-third Year of the Reign of King Charles the Second, intitled, An Act for the Relief and Release of poor distressed Prisoners for Debt, but likewise to make some further Provisions for the Ease and relief of debtors, who shall bewilling to satisfy their Creditors to the utmost of their Power.

Deze aanhef werd woordelijk herhaald in de Lord's Act van 1758.
Het onderzoek naar het overlijden van Thomas Culver bezoedelde reeds de naam van William Jenkins, 'Keeper of the Marshalsea Prison'. Niet alleen, dat zo iets kon gebeueren, maar ook nog, dat hij niet goed wist of zijn opdracht om Culver extra 'necessaries'te geven wel was uitgevoerd en evenmin wist hoe die 'necessaries' zouden moeten worden gefinancierd. Ook zijn gedogen van de willkeur door twee gevangenen in de Poor Side en van de justitiële klerk stelde hem in een ongunstig daglicht. Het Committee van 1815 had ernstig bezwaar, hoe hij zich door middel van het koffiehuis of Tap, ten nadele van de gevangenen, verrijkte.
Ten aanzien van de King's Bench Prison werd gerapporteerd, dat de Marshal ondanks zijn hoge inkomen, zich niet bemoeide met de gang van zaken binnen de gevangenis. Hij zei zelf zelden of nooit binnen de muren te komen. Mr. Brooshooft, de particuliere klerk van de Marshal was in feite de gevangenisbeheerder. De 'chum-master', d.i. de man die de kamers indeelde, wist zich op bijna criminele wijze aan deze kamerhuur te verrijken.
Mr. Morris, the chum-master, seems to be a most improper person,to have the management of any part of the prison. It is proved before Your Committee, that he took money (which was divided among the turnkeys, all of whom are therefore criminal) for the purpose of obtaining from Mr. Brooshooft permission to do that, which all parties knew the Marshal had forbidden to be done. His whole evidence is shuffling and prevaricating; and Your Committee would have felt themselves justified in reporting him to the House, if they had not attributed his conduct as much to arise from his ignorance as from wilful and criminal prevarication.

Daarentegen werd Mr. Nixon, deputy van de Fleet, geprezen.
Het Committee van 1815 rapporteerde op 1 mei van dat jaar. Het doet dan vreemd aan, dat op 12 mei daaraanvolgend werd aangenomen 'An Act for the Abolition of Gaol and other Fees, connected with the Gaols in England', waarin tevens de salariëring van de gevangenisbewaarders werd geregeld. De wet verklaarde zichzelf niet van toepassing op King's Bench, Fleet en Marshalsea Prisons. Daarmee bleef de stimulans voor de betrokknen gevangenbewaardees om hun inkomsten van de gevangenen af te persen.
Juridisch gezien waren de plichten van de bewakers en de rechten en plichten van de gevangenen goed opgesteld. De desbetreffende regels, waren echter soms een eeuw of nog langer geleden vastgelegd. Zij waren duidelijk geformuleerd en behoorlijk gepreciseerd, maar werden kennelijk - waarschijnlijk door weinig uitvoerbare sancties - niet nageleefd. De Rules and Orders van King's Bench stamden uit 1729 en waren getekend door de Lord Chief Justice en Judges of het Court of King's Bench. Het beheer van de gevangenissen bestond uit het aantal 'turnkeys' en 'watchmen'. Dat aantal was uiteraard niet groot, omdat de Marshal hen uit 'eigen' inkomsten betaalde, waarnaast zij zelf aan 'fees' moesten zien te komen. Voorts waren er de 'clerck of the papers'en de 'tipstaffs' die de gevangenen naar en van rechtbanken brachten. Deze paar mensen stonden tegenover honderden gevangenen. Hun taak was eigenlijk vnl. zorgen dat die gevangenen niet ontsnapten. Bij het orde houden lieten zij zich bijstaan door helpers uit de gevangenen, die daarvoor een karige beloning ontvingen. Maar zonder de medewerking en het dulden van de gevangenen zelf konden zij t.a.v. handhaving van enige orde binnen de gevangenissen weinig bereiken. De gevangenen handhaafden zelf enige orde met een sociale hiërarchie en met reglementen. De beide 'ordeningssystemen' moesten elkaar aanvaarden en erkennen. Lukte dat niet dan namen de spanningen zo toe, dat soms militairen moesten ingrijpen.
De Marshals waren verplicht de regels die de rechtbanken vaststelden t.a.v. de orde in de gevangenis en de rechten en plichten van gevangenen en gevangenispersonbeel openbaar te maken, door deze permanent op duidelijke en bezochte plaatsen in de gevangenis op te hangen. De gevangenen konden zich bij schending van de regels door de Marshal of het gevangenispersoneel richten tot de betrokken rechtbank. De Marshal kon dit zijnerzijds ook. Hij kon een gevangene opsluiten in een 'strongroom'. Bij de King's Bench Priso, aldus Innes, was door de Court of King's Bench een 'visitor' aangewezen, tot wie de gevangen zich altijd schriftelijk konden richten. Eens per jaar had deze visitor bovendien een zittingsdag binnen de gevangenis. In de late 18e eeuw, aldus Innes, maakten de gevangen herhaaldelijk van deze mogelijkheid van beklag gebruik. Er werd prompt op gereageerd, want bij deze wanverhouding tussen het aantal gevangenen en het aantal turnkeys, was het zaak onvrede die zou leiden tot geweldadigheden te voorkomen. In de door mij geraadpleegde bronnen heb ik niet veel van dergelijke klachten gevonden. Het is mogelijk, maar zekerheid daarvan is er niet, dat hun aantal afnam toen, ingevolge de instelling van de Insolvent Debtors' Court, de verblijfstermijnen in de gevangenissen bij een goed voorbereide petitie aan die rechtbank door vele gevangenen zelf tot een eind konden worden gebracht.
De gevangenen hadden vrijheid van consumptie, wat o.a. was neergelegd in de 'order and rules' van de King's Bench Prison. In september 1823 beklaagden verscheidene gevangenen in de King's Bench zich bij de Surrey Magistrates, dat de Marshal, Mr.Jones, hen drank verkocht tegen exorbitante prijs, en verzochten om de licentie aan Mr.Jones om bier te verkopen, in te trekken. De Magistraten besloten daarop in de lobby van de gevangenis zitting te houden. Daar trokken vijf of zes van de tien, die de klacht hadden ingedient, zich terug, toen bleek, dat degene die de 'tap' hield een halve penny meer per pot placht te berekenen, dan een naburig bierhuis, buiten medeweten van de Marshal om, die hem daarop verwijderde. Sindsdien kostte het donkere bier 4d., indien het werd gehaald in een pot van de gevangene zelf. Maar als de gevangene het dronk in de 'Brade' of 'coffee-room' of een pot van de 'tap' gebruikte, moest 5d. worden betaald. Dit bedrag moest ook worden betaald, als hij het bier van buiten de gevangenis liet komen. De Magistraten verlengden de vergunning aan Mr.Jones.

5. De Rules
Dickens vermeldt de 'Rules' slechts terloops. Zij waren een merkwaardig aspect van de Engelse gevangenissen voor schuldenaren, met name de King's Bench Prison en de Fleet Prison. De Marshalsea Prison kende geen ' Rules'. Zij bestonden uit een nauwkeurig afgegrensd gebied rond om beide gevangenissen, waar met toestemming van de Marshal of Warden voor schulden gegijzelden konden vertoeven. Zij moesten dan wel zekerheid stellen voor hun terugkeer en de toestemming kon altijd ingetrokken worden. Deze mogelijkheid was in wetten erkend. Als ondanks die zekerheid - waarover dadelijk - de gevangene ontsnapte en de Marshal of Warden voor de schuld van de gevangene en bijkomende kosten aansprakelijk was, verviel die zekerheid niet, ook niet als de Marshal of Worden medeplichtig was aan de ontsnapping. De wet werd officieel pas ingetrokken in 1867 en 1887!.
De 'Rules' van King's Bench zijn opnieuw vastgesteld in 1795. Het gebied kende echter enclaves, die er niet toe behoorden, nl. openbare gelegenheden, waar drank mocht worden geschonken. De nauwkeurige omgrenzing van het gebied is moeilijk te reconstrueren, doordat de grenzen o.m. werden aangegeven door kenmerken als toenmalige lantaarnpalen, een pastry-cook's, een nursery. Het gebied is toen formeel zo vastgesteld door de Court of King's Bench:

1795, Rules or Bounds of King's Bench Prison.
ORDER of COURT, Easter Term 35 George III, for fixing the Rules or Bounds of the King's Bench Prison. Monday next after the Morrow of the Ascention of our Lord, in the Thirthy-fifth year of King George the Third. UPON reading a Petition signed by several prisoners confined for debt in the King's Bench Prison; and upon hearing the Report of the Coroner and Attorney of this Court, respecting the said Prison and, the Rules thereof: It is Ordered, That from and after the first day of Trinity Term next, so much of the Rule made on Friday next after fifteen days of Easter, in the thirtieth year of His present Majesty's reign, as establishes the Rules of the said prison, be and the same is hereby repeated. And it is further Ordered, That from and after the said first day of Trinity Term next, The Rules of King's Bench Prison shall be comprised within the bounds following, exclusive of the public-houses hereinafter mentioned; that is to say, From Great Cumber's Court, in the parish of St.George the Martyr, in the county of Surrey, along the North side of Great Suffolk-street, as far as the Star Brewhouse; and from thence along the North-Northwest side of Webber-street to the Halfway-house; and from thence along the Western side of Barron's Buildings, and St.George's Row.to the Westminster Road; and then across the said road and along the Western side of St.George's Mall; and from the pastry-cook's, at the West end thereof, directly across to the lamp-post on the near the watch-house, facing the Dog and Duck; and along the said footpath from the said lamp-post, to another lamp-post on the Eastern side of the said road facing Key's nursery; and then along the whole of the said leading by Prospect Place, to the Elephant and Castle; and from then along the Eastern side of Newington Causeway, to Great Cumber's Court aforesaid. And it is also Ordered, That the House of Correction for the county of Surrey, the New Gaol Southwark, and the gaol now building for the county, and the highways, exclusive of the houses on each thereof, leading from the King's Bench Prison to the said gaols respectively, shall be within and part of the said Rules. And is lastly Ordered, That all taverns, victualling-houses, ale-houses, wine-vaults, houses or places licensed to sell gin or other spirituous liquors, and all places licensed for plublic entertainments, shall be excluded out of and deemed no part of the said Rules.
By The COURT.
[Report on King's Bench, Fleet, and Marshalsea Prisons; Appendix no 4 (1815)]

Geen van de parlemetaire rapporten van 1815 en 1818 geeft een nauwkeurige beschrijving van de Rules van Fleet. Dat van 1818 zegt slechts, dat het gebied driekwart mijl rondom de gevangenis was, met inbegrip van het London Coffee House en verschillende openbare gelegenheden. In 1792 werden echter huizen waarin kansspelen werden gehouden uitgesloten. De openbare gelegenheden, waar drank werd geschonken, behoorden echter wel tot de 'Rules' van de Fleet Prison.
In 1816, bracht Brougham in het House of Commons een petitie van een vijfhonderd 'merchants and tradesmen' in Westminster. Zij beklaagden zich over de euvels verbonden aan de 'Rules' van King's Bench en Fleet. De arme schuldenaren moesten binnen de muren leven, de rijke zaten in de 'Rules' leefden daar in luxe met paarden en rijtuigen en gingen er zelfs uit, zelfs naar het buitenland toe. Drie andere afgevaardigden ondersteunden, dat hier tegen opgetreden moest worden. Besloten werd de petitie in handen te stellen van de commissie die de werking van de insolvent debtors' acts zou onderzoeken. Deze commissie rapporteerde eerst in juni 1819. Zij hoorde o.a. uitvoerig Mr.Nixon, de Warden van de Fleet, die weinig van deze gesignaleerde misstanden afwist:
Have not you known several instances of debtors living within the rules, with their wives and families? - I can only answer that question in this way. it does not fall to the lot of an individual to live in a very expensive manner in the rules, if he has a wife and family, he will have their welfare in view, and not live in that expensive manner; it frequently happens that people live in an expensive manner, but then they have neither wives nor families. Have you known of any instances of debtors having their wives and families within the rules? -- Frequently. Hve you known of any instances of debtors having their carriages and horses, and driving from the rules in those carriages and horses? -- No, I have no knowledge of that Have you never known any instances of a title given to a house, Ludgate Hall for Instance? - I never heard of any of that kind. Did you ever heard of a noble lord being in the rules? -- Yes, I know of his being in the rules, because it was in my time; but he never was a man that lived very expensively in the rules, because he had not the means; his father only allowed him 500 l. a-year. ............. You do not know how that nobleman lived when he was in the rules? -- No; he often used to have horse-dealers with, trafficking in horses. Did you know many other persons living as expensively, or nearly as expensively, as the last person mentioned? -- If they have the means, they will live expensively in the rules, without my having any knowledge of their living so; I do not go round the rules to see them, nor have I any knowledge where they live, till I am informed; if I want them I send for them, and they come down to the office. [Report from Select Committee on Acts respecting Insolvent Debtors (1819), Minutes of evidence p.20.]
In 1824 vond zelfs een uitbreiding van de Rules van de Fleet plaats. The Times berichtte hierover naar aanleiding van een zitting van de Court of Common Pleas op 29 mei 1824:
The Prisoners confined in the Fleet lately presented a petition to this Court, setting forth, that the rules of the prison were so limited as to occasion very considerable inconvenience. There was no other place of worship within the extent of the rules, but that which was within the prison itself; and addition to this, they stated, that the houses within the rules did not afford sufficient accomodation for the number of prisoners who were disposed to avail themselves of the benefit of those rules. They therefore prayed the Court to grant such an enlargment of the rules of the prison as would be sufficient to obviate those inconveniences. The LORD CHIEF JUSTICE, on the sitting of the Court this morning, adverted to this petition, and observed, that the Court having taken the matter into consideration, were of opinion, that the rules ought to be enlarged. They therefore ordered, that the limits of the rules should extend from the prison-gate southward, to Chatham-place, Blackfriars-bridge, including both sides of the way, expect Fleet-market. They were to extent from St.Paul's to Salisbury-court at one side, and Shoelane, on the other side, of Fleetstreet, including the churches of Ludgatehill and St.Bride's, but excepting Ave-Maria-lane and the Blackfriar's Gateway. -This direction was entered as an order of the Court.

 


De huizen in de 'Rules', zei Mr.Jomes van King's Bench nog, staan niet onder mijn gezag. De huren waren er niet hoger, dan in andere delen van de stad.
In 1826 begon de wetgever het leven in de 'Rules' te beperken. De consolidatiewet van mei stond alleen een petitie aan de Insolvent Debtor's Court toe van een wegens schulden gevangene vertoevende binnen de muren van de gevangenis. Tijdens het hele proces moest hij binnen de muren verblijven, behoudens ontheffing op doktersadvies. Als de rechtbank oordeelde, dat hem voor een bepaalde periode het 'benifit of the act' werd onthouden, dan kon de rechtbank tevens uitspreken, dat hij in die periode binnen de muren moest blijven. deze laatste bepaling was echter al eerder ingevoerd, nl. in 1822. Het was onmogelijk, de 'Rules' geheel af te schaffen. Zij vormden nl. ook een 'overloop', wanneer de gevangenissen te vol raakten.
Wij zagen, dat de Marshal van King Bench £2,823 per jaar verdiende aan 'fees' voor het verlenen van toestemming om in de 'Rules' te leven. Dat was meer dan de helft van zijn inkomsten. Ter vergelijking: wij zagen dat John Dickens bij zijn gijzeling ca. £350 per jaar verdiende. En Charles trouwde, toen hij nog slechts voor ca. £200 per jaar enige zekerheid had. De Warden van de Fleet verdiende vanaf maart 1812 tot maart 1815 aan de Rules gemiddeld £1,130 per jaar. Het is duidelijk dat voor Marshal en Warden aan het behoud van deze inkomsten alles gelegen was, en dat zij het verblijf van gevangenen in de Rules eerder hebben bevorderd dan geremd.
De Marshal en Warden moesten zich echter wel veilig stellen tegen weglopen of ontsnappen uit de 'Rules'. Ten aanzien van de Fleet schreef daarover het Committee van 1818, dat de zekerheid bestond uit een machtiging (warrant of attorney) aan de warden om alle opgeëste schulden van de gevangene te erkennen, met aan de achterzijde een vervallen van de machtiging (defeazance), ingeval geen ontsnapping plaats vond. De Warden ontving hiervoor een zeker percentage van het bedrag van de schulden, maar gewoonlijk niet meer dan 5% over de eerste £100 en 2½% over de rest. De gevangene moest daarboven nog £1.10s.2½d. betalen voor de zegel en 10s.6d. voor de klerk.
The Pickwick Papers: Opgemerkt moet worden, dat, had Pickwick werkelijk geleefd, hij zich een plaatsje in de 'Rules' van de Fleet zou hebben gehuurd. Misschien had hij zich - om meer ruimte van beweging te hebben - laten overbrengen naar King's Bench Prison om dáár in de 'Rules' te gaan wonen.
Naast het hierboven geschetste 'privilege of the rules', was er nog de 'day rule'. Beide privileges werden uiteengezet in een rechtzaak van de Court of Common Pleas in 1826. Bij het verlenen van een 'day rule' kon de gevangenen de gevangenis één dag verlaten, ook buiten de 'Rules' gaan, maar moest 's-avonds tijdig terug zijn. In dit geding zei Sergeant Vaughan, dat "in the King's Bench a 'day rule' expired at nine o'clock at night; but it was not so in the Fleet, where it continued all day". Het geding ging hier tegen de Warden van Fleet, wegens het laten ontsnappen van een gevangene. Volgens de Commissioners van 1818 eindigde bij de Fleet Prison de Day Rules om 11 uur 's-avonds. Zij schreven, dat voor de 'day rule' een zelfde zekerheid moest worden gegeven als voor de toestemming om binnen de 'Rules' te mogen verblijven. De gevangene kon een'day rule' alleen verkrijgen in de perioden {terms) waarin de Court of Common Pleas en de Court of Exchanquer zitting hadden. De beambte van deze rechtbanken kreeg er een 'fee' voor van 1s.10d. De gevangenen was dan min of meer vrij, niet gebonden aan het gebied van de 'Rules', vanaf de opening van de poorten van de gevangenis in de morgen tot 11 uur's nachts. Dat de 'day rules' alleen in 'term time' werden verstrekt, valt te betwijfelen. Wat het Comité van 1815 t.a.v. King's Bench rapporteerde is heel wat bedenkelijker. Ook hier zouden de day rules beperkt zijn tot term time. Zij werden via de Marshal als een routinezaak verleend door de Court of King's Bench. De fee was overeenkomstig de 'table of fees'. Bij schulden onder de £600 gaf echter de tipstaff voor eigen risico toestemming. waren de schulden hoger, dan moest het via de marshal. Kon de schuldenaar echter niet voldoende zekerheid stellen, dan gaf hij de tipstaff 1 guinea, waarop iemand om op de schuldenaar te passen met deze mee ging. Men kon echter ook nog uit de gevangenis komen door middel van een 'run on the key'. Eeen gevangene getuigde, dat hij daarvoor de man onder de marshal, die in feite de gevangenis beheerde, een pond gaf, die verdeeld werd onder de turnkeys. Het mocht niet van de Marshal, maar de beheerder was van mening, dat hij hierin vrij was. Het Comité vond, dat deze en andere omkoperijen tot allerlei misstanden leidden.
In Nicolas Nickleby schrijft Dickens dus terecht:
The place to which Mr.Cheeryble had directed him was a row of mean and not over-cleanly houses, situated within "The Rules" ofthe King's Bench Prison, and not many hundred paces distant from the obelisk in Saint George's Fields. The Rules are a certain liberty adjoining the prison, and compromising some dozen streets in which debtors who can raise the money to pay large fees, from which their creditors do not derive any benefit, are permitted to reside by the wise provisions of the same enlightened laws, which leave the debtor who can raise no money to starve in jail, without the food, clothing, lodging or warmth, which are provide for felons convicted of the most atrocious crimes that can disgrace humanity. There are many pleasant fictions of the law in constant operation, but there is not one so pleasant or practically humorous as that which supposes every man to be of equal value in its impartial eye, and the benefits of all laws to be equally attainable by all men, without the smallist reference to the furniture of their pockets. (ch.46)

6. Ontsnappingen
Het risico,dat de gevangenisbeheerders liepen ten aanzien van ontsnappingen was niet gering. De Marshal van de King's Bench berichtte, dat zij soms zeer aanzienlijk waren. Er waren gevangenen, schreef hij, met schulden van veertig of vijftig duizend pond. De Warden van Fleet gaf voor de jaren 1813/1815 een gemiddelde op van £300. van de Marshalsea zijn geen opgaven. Bezien wij de oude wetten t.a.v. ontsnappingen, dan hebben die steeds betrekking op King's Bench Prison, Fleet Prison en hun 'Rules". De wet 1 Ann.st.2.c.6. heet zelfs 'An Act for better preventig Escapes out of the Queen's Bench and Fleet prisons'. 59 Geo.iii,c.64 is er speciaal om de mogelijkheid te openen, dat buiten de zittingstermijenen, 'in Vacation', de Warden voor ontsnappingen aangesproken kan worden. Werd de Marshal of Warden gewaarschuwd, dat iemand buiten de 'Rules' ging, dan werd hij binnen de muren terug geroepen. In 1832 getuigde de lawyer Mr.F.Place:
I pursued a man; I had an execution against him, and locked him up in the Fleet, and there were four or five detainers lodged against him, and I knew he was a man of property, and one day I found him at Robins's Auction-rooms; I went to the keeper of the Fleet and told him where he was, and he said he is lodging in the Rules; I said he does not lodge in the Rules; he only pretends to lodge within therm, and the best thing you can do is to send for him and lock him up in the strong room. he did so, and I got my money, 140 l. and cost.
Het kon ook anders gaan. Toen 'Your Committee' de King's Bench Prison inspecteerde hoorde één van de leden, dat de bekende Lord Cochrane, opgesloten binnen de muren, was ontsnapt. De Marshal noch enig andere cipier of bewaker, wist dat hij was ontsnapt. Een gevangene vertelde het comité, dat hij van de dienaar van Lord Cochrane hoorde, dat Lord Cochrane die dienaar maandag-avond vroeg zijn ontbijt en diner zoals gebruikelijk klaar te maken, omdat hij King's Bench ging verlaten, zeggende 'the gentlemen in power here and me understand each other'. Deze gevangene was zelf de zondag ervoor in Lord Cochrane's kamer. Mr.Basil Cochrane was er ook. 'Lord Cochrane,touching his hand said, "Bank Notes have a charm". Uit eerdere gesprekken begreep deze zegsman, dat Lord Cochrane bedoelde, dat geld hem zou bevrijden. Lord Cochrane zei ook, dat hij zijn boete nooit zou betalen. De bronnen delen niet mee of the Marshal schadevergoeding aan schuldeisers (de Kroon?) van Lord Cochrane moest betalen en zo ja, hoeveel.
De kans schade voor ontsnappingen te moeten vergoeden en zijn zekerheid niet te gelde te kunnen maken, was een belangrijke prikkel voor de gevangenisbeheerder om weinig uit te geven en veel 'fees', kamerhuur en andere emolumenten binnen te halen.

7. De 'fees'
Een aanzienlijk deel van het inkomen van het gevangenispersoneel bestond uit 'Fees'. Dee 'fees' werden door de gevangenen opgebracht. Waaruit deze 'Fees' bestonden, blijkt o.a. uit de Table of fees van King's Bench Prison. Aan de ondertekening ziet men, dat deze tabel vastgesteld was door de rechters van de Court of King's Bench, ten vervolge van 'an Act for the Relief of Debtors, with respect to the imprisonment of their Persons', de z.g. Lord's Act. Ingevolge deze wet moesten, om afpersing door gaolors tegen te gaan, de betrokken rechtbanken een table of fees opstellen, waaraan de gaolors zich dienden te houden en die moest in duidelijk schrift worden opgehangen op een voor alle gevangenen onbeperkt toegankelijke plaats.Er waren zelfs sancties daarop. Het blijkt, dat ook de gevangenen aan de Common Side voor hun 'kamer' moesten betalen. Eveneens moesten zij fees betalen, als zij voor de Insolvent debtors'Court verschenen (op grond van eigen petitie) en voorts voor hun ontslag.
Van 8 maart 1812 tot 7 maart 1815 ontving de Warden van de Fleet Prison per jaar gemiddeld £792 aan 'commitment fees' (dus bij opname van gevangenen),£212 16s. 3d. aan 'discharge fees' en £333.18s.11d. aan kamerhuur. Uit de Table of Fees van de Marsalsea Prison blijkt dat ook de 'Surgeon or Apothecary' en de 'Chaplain' bij ontslag van een gevangenen ieder 1s. ontvingen.
Ook de armste gevangen had aan 'fees' nog al wat te betalen, wilde hij gebruik maken van de 'benefit of the act'. Zelfs was nadrukkelijk bepaald, dat ook als de Insolvent Debtors' Court uitspraak had gedaan tot ontslag, de Marshal of Warden de gevangene niet behoefde te laten gaan, eer de gevangene alle (eventuele achterstallige) fees had voldaan. Deze bepaling is terug te vinden bij de Fleet Prison. T.a.v. de wegens schuld gevangenen met vermogen, kon de Insolvent debtors' Court bij zijn uitspraak bepalen, dat de 'fees' werden voldaan uit dat vermogen (estate).
Toen men echter, na instelling van de Insolvent Debtors' Court in 1813, opruiming wilde houden onder de voor deze nieuwe rechtbank niet meer te verwerken hoeveelheid wegens schulden gevangenen, heeft men deze verplichting om eerst de 'fees' te betalen voor één keer opgeheven.
Vergelijkt men de Table of Fees van de Marshalsea met die van de King's Bench en van de Fleet, dan mist men bij de Marshalsea Prison de 'commitment fee'. De 5s.6d. die wij aantroffen in het onderzoek naar de dood van Thomas Culver (hing samen met een eigen reglement van de gevangenen)
The Pickwick Papers geven een heel nauwkeurige beschrijving van Mr.Pickwick's 'commitment' in the Fleet Prison. dat daarin de 'commitment fee' ontbrak, kan dus te wijten zijn aan het ontbreken van een dergelijke fee in de Marshalsea (waar de gevangenibewaarders gesalarieerd waren), en Dickens heeft zich dat niet gerealiseerd.
Maar Mr. Pickwick betaalde wèl fees;
"Where am I to sleep tonight?" inquired Mr.Pickwick.
"Why I don't rightly know about to-night", replied the stout turnkey. " You'll be chummed on somebody to-morrow."
"afer some discussion, it was discovered that one of the turnkeys had a bed to let, which Mr.Pickwick could have for that night. He gladly agreed to hire it[ch.40].
....
"I knowed you'd want a room for yourself, bless you!" said Mr.Roker. "Let me see. You'll want some furnitur. You'll hire that of me, I suppose? That's the reg'lar thing."
'With great pleasure', replied Mr.Pickwick.
"There's a capital room up in the coffee-room flight, that belongs to a Chancery-prisoner'" said Mr.Roker. "it'll stand you in a pound a-week. I suppose you don't mind that?'
"Not at all," said Mr.Pickwick.
.....
....Mr.Roker entered upon his aragements with such expedition, that in a sort time the room was furnished with a carpet, six chairs, a table, a sofa bedstead, a tea-kettle, and various small articles, on hire, at the very reasonable rate of seven-and-twenty shillings and sixpence per week.
"Now, is there anything more we can do for you?" inquired Mr.Roker, looking round with great sarisfaction, and gaily chinking the first week's hire in his closed fist.[ch. 42]

Bronnen
Ebbinge Wubben, Dr.Mr.J.A. Literatuur en Recht; Charles Dickens en gevangenschap wegens Schulden. Ac.Prfschr. Utrecht - 6 nov. 2000 -ISBN 90-76912-02-5
Forster, John. The Life of Charles Dickens / B.W.Matz(ed). - Two Volumes. - London: Chapman and Hall Ltd., 1911. - 485+515p., ill.,index.
Grant, James. Sketches in London. London: Thomas Tegg, 1840 408 p.,ill. Hansard, T.C. The Parliamentary debates from the year 1893 to the present time / publ. under the superintendance of T.C.Hansard...[et al.]. - series 1, vol.1 (1803/04) -41 (1820); new series, vol.1(1820) - 25 (1820); 3rd series, vol.1(1830) - 356 (1891); 4th series...;London, 1812- ... - ..
Innes,Joanna. The King's Bench Prison in the later eighteenth century:law,authority and order in a London debtors' prison. -chapter 6, p.250 - 294. McConville,S. A history of English prison administration;Vol 1 1750-1877.-London: Routledge & Kegan Paul,1981.-535p., bibl.,index.-isbn 0 7100 0694 2. Trevelyan, G.M. English Social History. London:S.E.,S.D. - 628p, maps, index.
Parliamentary Papers 1809 Report from the Lords Committees relative to the imprisonment for Civil Debt. - House of Lords. Sessional Papers. Printed by Order of the House of Lords; or by Special Command. Dobsferry; New York: Odeana Publications, Copyright 1976. -ISBN 0-8420-1973-1. -1809, Vol.xxvii (27 April)227. 1811 ΩΩ
Information of Wittnesses taken before the Coroner of Surrey in the Marshalsea Prison, Touching the Death of Thomas Culver and of the Inquisition thereon. -1811.-Vol.xiiv(1811)81.ibid.
1815 Report of the Committee appointed to enquire into the State of The King's Bench, Fleet and Marshalsea Prisons, 1 May 1815.- British Parliamentary Papers; Crime and Punishment; Prisons 7 ; State and Management of Prisons. -Shannon : Irish University Press, 1970. SBN 7165 1030.
1818 Report from the Commissioners Appointed to inquire into the state, conduct, and management of the Prison and Gaol of The Fleet; and also, of the Prison and Gaol of the Court of His Majesty's Palace at Westminster; and of the Court of the Marshalsea of His Majesty's honourable Household; and of the Prisoners in the said respective Prisons confined. (Dated 29th October 1818). - British parliamentary papers; Crime and Punishment; Prisons 8; State and management of Prisons.-Shannon: Irish University Press, 1970.-SBN 7165 1031 6 1819 Report from the Select Committee on Crimial Laws as related to Capital Punishment in Felonies, and to report their Observations and Opinion of the same, from time tot time to the House,8 July 1819. Britsh Parliamentary Papers; Legal Administration; Criminal Law; 1(585), 1819. -Shannon: Irish University Press, 1968. -SBN 7165 0133 3. 1832 Commissioners to Inquire into the Practice and Proceedings of the Superior Courts of Common Law. Fourth report. - 1 March 1832. -Vol.xxv(1831 - 1832),1. House of Lords, Sessional Papers. Printed by Order of the House of Lords or by Special Command. - Dobbsferry; New York: Odeana Publications, Copyright 1976. - ISBN 0 379 20014 7.
1836 Reports of the Inspectors appointed to Visit the Different Prisons of Great Britain, under the Provisions of the Act 5 & 6 Will. IV, Cap.38. 1836 Vol.x House of Lords. Sessional Papers. Printed by Order of the House of Lords or by Special Command. -Dobbsfery; New York: Odeana Publications, Copyright 1976. ISBN 0 379 20014 7.